Geschut vroeger in
gebruik bij de 14e Afdeling Veldartillerie
155
mm
houwitser M114
Bij
haar ontstaan in 1958 was de 14e Afdeling Veldartillerie uitgerust met de getrokken
155 mm houwitser
M114. De M114 verscheen in de VS in 1942, toen nog
M1 155 mm genaamd. Na de Tweede Wereldoorlog werd het omgedoopt naar M114 en eind jaren '40 deden 51 stuks van dit geschut hun intrede bij het Nederlandse leger. De vuurmond werd voortgetrokken door een
volrups artillerietrekker, de High Speed Tractor 13 ton M5. Later fungeerde de 6-tonner
vrachtauto DAF YA616 als trekker. Het oorspronkelijke model had een loop met een
lengte van 23 maal het kaliber en was om die reden ook bekend als de M114/23.
In 1969 werd
bij de 14e Afdeling Veldartillerie de M114 vervangen door de gemechaniseerde 155
mm houwitser M109, waarover hieronder meer. De M114 bleef echter in de
bewapening van de Koninklijke Landmacht. In 1989 werd het geschut gemodificeerd tot de M114/39
(langere loop) door het Nederlandse RDM Technology.
Het bereik werd weliswaar vergroot (ruim 30 km), maar het decennia oude materieel
bleek niet tegen de hogere belastingen bestand te zijn. Daarom werd besloten de M114/39 uitsluitend nog in oorlogstijd te gebruiken
en vijftien overtollige Duitse getrokken vuurmonden FH70 aan te schaffen om het personeel geoefend te
houden op getrokken vuurmonden. De M114 was in alle opzichten verouderd en in
1997 werd dan ook definitief besloten om de vuurmond uit te faseren, hetgeen
enkele jaren later geschiedde
155
mm
houwitser M109
Zoals
gezegd, werd in 1969 werd bij de 14e Afdeling Veldartillerie de getrokken 155 mm
houwitser M114 vervangen door de gemechaniseerde 155 mm houwitser M109. Als
parate afdeling was de 14e Afdeling Veldartillerie één van de eerste
afdelingen die in 1969 werd voorzien van dit toen nieuwe,
moderne geschut; bij sommige afdelingen werd de M109 ruim tien jaar later
ingevoerd. De M109 zou gedurende de navolgende 37 jaar het geschut van de
afdeling blijven.
Net als zijn voorganger was de
M109 een Amerikaans product. De eerste versie van de gemechaniseerde vuurmond
M109 werd in 1962 in de VS bij Cadillac in productie genomen en groeide al snel
uit tot een vaste waarde binnen de NAVO-arsenalen en bij veel andere legers.
Het
vormde de hoofdbewapening van vele (inmiddels al of niet opgeheven)
artillerieafdelingen: de 11e Afdeling Rijdende Artillerie, de 12e, 41e, 43e en
44e Afdeling Veldartillerie. De M109 werd door verschillende fabrikanten in de
VS geproduceerd; in Nederland in coproductie met Wilton-Feijenoord. In 1978 werd
de verbeterde M109 A2 in de VS in productie genomen en enige tijd later
verscheen deze in Nederland. In 1990 deed de M109 A2/90 zijn intrede bij de
Nederlandse artillerie, een door RDM in Nederland geüpgrade versie van de M109
A2.
Momenteel wordt de M109 vervangen
door de nieuwe 155 mm houwitser PzH2000. De 14e Afdeling Veldartillerie is de
eerste afdeling die op de PzH 2000 overschakelde; de afdeling nam in augustus
2006 drie splinternieuwe PzH 2000 NL's mee op missie naar Afghanistan. In 2007
wordt de M109 bij de 11e Afdeling Rijdende Artillerie uitgefaseerd en verdwijnt de M109 volledig uit de parate slagorde.
Specificaties
geschut
M114/23:
Soort geschut
getrokken vuurmond
Fabrikant
Rock Island Arsenal, VS
Kaliber
155 mm
Gewicht
5.800 kg
Maximale vuursnelheid
3 schoten/minuut
Maximale dracht
14,6 km
Bemanning
11
M109A2:
Soort geschut
gemechaniseerde
vuurmond
Fabrikant
BMY Combat Systems, VS
Kaliber
155 mm
Motor
8-cilinder diesel, 405 pk
Gewicht (beladen)
25.500 kg
Maximale vuursnelheid
4 schoten/min
Maximale dracht
23,5 km
Maximale snelheid
56 km/u
Bemanning
6
Tractie
Bij
het ontstaan van de 14e Afdeling Veldartillerie in 1958 werd er voor de
tractie van de houwitsers M114 gebruik gemaakt van de volrups High Speed Tractor 13 ton
M5. Deze trekker van Amerikaanse makelij
was uitgerust met een Continental 6-cilinder benzinemotor met een vermogen
van 207 pk en kon een maximale snelheid bereiken van 56 km/u. Het
voertuig bood plaats aan 9 personen. De M5 werd in 1943 door de VS in
gebruik genomen en werd door Amerikanen ingezet tijdens de bevrijding van
Nederland in 1945.
In 1967 werd bij de 14e
Afdeling Veldartillerie de M5 artillerietrekker vervangen door de DAF
YA616 vrachtwagen. De
DAF YA616 was een drie- asser met 6×6-aandrijving en een Continental 6-cilinder
benzinemotor met een vermogen van 204 pk. De YA616 kon een aanhangerlast
van 14500 kg trekken en was dan ook een prima trekker voor de houwitser M114.
De eerste YA616's werden in 1957 geproduceerd; de productie stopte in
1968.
Toen de getrokken houwitser M114
in 1969 bij de 14e Afdeling Veldartillerie
werd vervangen door
de gemechaniseerde houwitser M109, werden de artillerietrekkers overbodig.